Recensies

______________________________________________________________

Leeuwarder Courant,
17 mei 2010 , pag. 15

NOK toont brede top noordelijke kunst

Door Sytse Singelsma

 

ORANJEWOUD – Voor de tweede maal is Museum Belvédère in Oranjewoud de komende dagen het decor voor de uiterst gevarieerde tentoonstelling NOK. Er is werk te zien van 32 kunstenaars uit Friesland en Groningen.
De naam NOK lijkt een afkorting, maar is het niet zegt organisator Fred Wagemans. ,,Maar je associeert het wel direct met noordelijk en met kunst en een nok is ook de top van een huis. NOK is een kernachtige samenvatting van het evenement.’’
NOK is in de eerste plaats bedoeld om omzet te genereren voor kunstenaars, zegt Wagemans. Alle werken op de tentoonstelling zijn te koop. Goedkoopste object is een design-aardappelstamper van het jonge ontwerperscollectief Wurk van €20, het duurste een bronzen beeld van Eja Siepman van den Berg van €18.000. Het duurste schilderij is er een van de Groninger kunstenaar Frank Hutchison voor€9500. Maar dat is dan ook een lap van 2 bij 2 meter.
Bij de vorige drie edities van NOK, tweemaal in Leek en eenmaal in Belvédère, werd er een omzet van tussen de €40.000 en €50.000 bereikt. ,,Daar ben ik niet tevreden mee, het publiek doet zichzelf tekort,’’ vindt Wagemans. Het evenement wordt mogelijk gemaakt met sponsorbijdragen van onder meer de Friesland Bank. Daarnaast kunnen bedrijven intekenen met een zelfbepaald bedrag, dat verrekend wordt met de prijs van een werk dat wordt aangekocht.
In de aanloop naar NOK heeft Wagemans een jaar lang atelierbezoeken afgelegd. ,,En dan  kristalliseert zo’n tentoonstelling zich langzamerhand uit.’’ De werken die de tentoonstelling uiteindelijk gehaald hebben verdienen allemaal het predicaat ‘topkunst’.
Vergelijking met andere jaren leert dat die top in het Noorden nog behoorlijk breed is, zowel in Groningen als in Friesland.  ,,Van de 32 kunstenaars die er nu hangen waren er maar twee vorig jaar ook bij. De rest is allemaal nieuw,’’ illustreert Wagemans.
Voor de Friese bezoekers is het meeste werk van de ‘eigen’ kunstenaars dat er te zien is vrij vertrouwd, al biedt de tentoonstelling ook hier wel enkele verrassingen. Zo hangt er de eierkunst van Koos van der Sloot, die kortgeleden debuteerde in het Natuurmuseum. Van Jan Snijder hangen er schilderijen waarin hij kleur verwerkt heeft en die waren ook nog niet vaak eerder te zien. Eja Siepman van den Berg is vertegenwoordigd met een bronzen beeld van twee in elkaar grijpende handen. Het is waarschijnlijk haar eerste beeld dat niet een torso voorstelt en het resultaat van een nooit uitgevoerde monumentale opdracht. Machteld van Buren toont haar bekende ‘Michelinmannetjes’. Deze keer zijn het geen solitaire figuren, maar staan er meerdere personages op een doek die een bepaalde interactie vertonen.

Marian Hulshof, van wie eerder een aantal grote werken in De Lawei te zien was, is nu vertegenwoordigd met een hele serie kleine. Ze combineert een geschilderde ondergrond met kleurige applicaties van stof die opgestopt worden, zodat het lijkt alsof haar doeken overwoekerd worden door boomwortels.

De andere Friese deelnemers zijn Milly Betten, Sies Bleeker, B.C. Epker, Herman van der Made, Hanshan Roebers, Catrinus Spinder, Lia Versteege, Freark van der Wal en Ramon van de Werken.
Van de Groninger deelnemers vallen de vrolijk gekleurde sculpturen van Eveline van Duyl en Manu Baeyens op. Indruk maakt ook een groot stemmig gezicht op een bomenrij geschilderd door de Turkse Irim Kaneli en de uit Friesland afkomstige Stijn Smit.
Schilder Pascal van der Graaf laat zich inspireren door oude pronkstillevens van bloemen, zoals die ooit werden geschilderd door bijvoorbeeld Ambrosius Bosschaert. Sommige schilderijen wekken de indruk dat ze gemaakt zijn volgens de nummertjesschilder-methode. Andere heeft hij zo geschilderd dat het lijkt of de verf, en daarmee de voorstelling, van het doek afloopt. Alsof je kijkt naar een smeltend schilderij.

______________________________________________________________